Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

VOLKS006 - Karloken

Een sage (tijdschriftartikel), 1888

Hoofdtekst

Karloken
Op de Heide van Kester, in 't Payottenland, werd vroeger dikwijls eene klagende stem gehoord, die gedurig riep: "Waar moet ik hem zetten?"
Dit was de geest van Karloken, die alle nachten rondwaarde met eenen `meersteen' op den schouder. Hij was reeds lange, lange jaren dood, maar kon niet in den hemel komen, eer hij den meersteen, dien hij in zijn leven diefachtig had verplant, terug op zijne vorige plaats had gezet. Daarom dwaalde zijn spook alle nachten rond, al zoekende naar die plaats. Eens hoorde een zatterik het smeekend geroep: "Waar moet ik hem zetten?" en spottend antwoordde hij: "Waar gij hem verd...! gevonden hebt!" Een blijde schaterlach klonk door de lucht, een rukwind huilde in het geboomte, en de zatterik werd nuchter van schrik. Sinds dien werd de stem van het spook nooit meer gehoord.

Beschrijving

Een geest dwaalt elke nacht rond met een steen op zijn rug. De geest kan niet eerder naar de hemel dan wanneer hij de, tijdens zijn leven gestolen steen, op de juiste plaats terug zet. Een dronkaard zegt de klagende geest de steen terug te zetten waar hij hem heeft gevonden. Dan klingt een schaterlach en komt een rukwind opzetten. Daarna wordt de stem van de geest niet meer gehoord.

Bron

Volkskunde. Tijdschrift voor Nederlandsche Folklore. 1 (1888) 16

Commentaar

1888

Naam Overig in Tekst

Heide van Kester    Heide van Kester   

Payottenland    Payottenland   

Karloken.    Karloken.   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20