Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

VOLKS024 - Kludde

Een sage (tijdschriftartikel), 1888

Hoofdtekst

Kludde
Paerdsknechten zaten op zekeren nacht, in de weide, de vier koppel paerden hunner hoeve te bewaken. Als zij moesten naar huis keeren, waren er negen, en geen kon onderscheiden, welk paerd het vreemde was, zoodat de knapen besloten maar al de dieren naar stal te brengen. Ja maar, men moest eene breede beek voorbij, en zie! het paerd, dat de jongste knecht bereed, begint me daar in eens te steigeren, en wip! daar springt het met hem over de beek. O wonder! Juist in het midden gekomen breekt het paerd in twee stukken, en de knecht valt in het water, terwijl Kludde, want hij was 't, op den anderen kant staat te lachen, al roepende: "Nu heb ik u g'had he, nu heb u g'had!"
(Wambeke)

Beschrijving

Paardeknechten moeten acht paarden bewaken. In totaal zijn er negen paarden, maar ze kunnen niet meer zien welk paard het vreemde paard is. Ze besluiten daarom alle paarden naar de stal te brengen. Ze moeten een beek over en dan begint een paard te steigeren. Het paard breekt in tweeën. De knecht valt in het water en wordt toegelachen door het 'paard' dat geen echt paard blijkt te zijn.

Bron

Volkskunde. Tijdschrift voor Nederlandsche Folklore. 1 (1888) 74

Commentaar

1888
De Mont verwijst naar 'Kludde' In: Kunst-en Letterblad (1840) 49 en 'De Nikker op het slot van Lichtervelde'. In:ibid. (1843) 15, met de toevoeging dat bij de laatste ook sprake is van een waterduivel die zich in een paard verandert.

Naam Overig in Tekst

Kludde.    Kludde.   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20