In Poperinge woonde vroeger een framasson die nergens in geloofde. Tijdens de winter droeg die man een muts met oorkleppen. Toen de man gestorven was, heeft men zijn lijk weggevoerd. De weduwe van de framasson heeft nooit geweten waar haar man…
Framassons waren boosaardige mensen die zich tegen de kerk verzetten. De echtgenote van een framasson trof haar man op een ochtend dood aan. Zijn lichaam was helemaal opengebarsten.