Hoofdtekst
Moos zit in de trein. Tegenover hem zit een man voortdurend met zijn vingers te tikken. Het begint Moos op zijn zenuwen te werken, en hij vraagt de man: "Kan u daar niet mee ophouden?"
"Sorry," zegt de man, "dat kan ik niet. Ik heb dat uit de oorlog overgehouden."
Moos staat op en verhuist naar een andere coupé. Daar zit een man voortdurend met zijn duim over zijn wijsvinger te wrijven.
Vraagt Moos: "Dat heeft u zeker uit de oorlog overgehouden?"
"Nee," zegt de man, "uit m'n neus."
(RTL4, MOPPENTOPPERS, SEPT. - OKT. 1994)
"Sorry," zegt de man, "dat kan ik niet. Ik heb dat uit de oorlog overgehouden."
Moos staat op en verhuist naar een andere coupé. Daar zit een man voortdurend met zijn duim over zijn wijsvinger te wrijven.
Vraagt Moos: "Dat heeft u zeker uit de oorlog overgehouden?"
"Nee," zegt de man, "uit m'n neus."
(RTL4, MOPPENTOPPERS, SEPT. - OKT. 1994)
Beschrijving
Een man ergert zich in de trein aan een man die steeds met zijn vingers zit te tikken; overgehouden uit de oorlog. In een andere coupé zit een man met duim en wijsvinger te draaien. Vraag: uit de oorlog overgehouden? Antwoord: nee, uit mijn neus.
Bron
n.v.t. (RTL4, Moppentoppers, sept. - okt. 1994)
Commentaar
september - oktober 1994
Naam Overig in Tekst
Moos   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22
