Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

ROODKAPJE369 - Roodkapje

Een sprookje (boek), 1910 - 1919

Hoofdtekst

Roodkapje
Een huisje met een rieten dak,
Een deurtje met een steenen trapje,
Twee raampjes met een grasgroen luik,
Aan iederen kant een rozenstruik,
Daar woonde ons Roodkapje.

Roodkapje stond in 't keukentje,
Waar moeder ronde koeken bakte.
Het deeg viel sissend in de pan,
Roodkapje proefde nu en dan,
Waarbij ze lekker smakte.

En toen de koek gebakken was,
Nam moeder 't mooiste half dozijntje
En ook een schaaltje rijstebrij,
Zes versche eiertjes daarbij,
En een zoet kruidenwijntje.

Dat alles deed ze in een mand,
Toen riep ze 't smullende Roodkapje,
En zei: "Breng jij dat nu eens vlug
Naar zieke Grootje, maar wees terug
Op tijd voor 't avondpapje!

Niet blijven spelen in het bosch,"
"Neen moeder," zei Roodkapje zoetjes.
"Op 't paadje is er geen gevaar,
Maar verderop verdwaal je maar!
Breng Grootje duizend lieve groetjes."

Daar stapte Roodkapje door 't zomersche bosch;
Wat liep ze parmantig, dat meisje!
Ze keek naar de boomen, de bloemen, het mos,
En zong haar vroolijkste wijsje.

Daar blonk het van sterretjes wit tusschen 't groen.
Dat blauwtje, hoe zou dat wel heeten?
Kijk, daar stond een tweede, daar nog een, en toen
Was ze al moeders lessen vergeten!

Wat stonden de boomen hier dicht op mekaar,
De wind suisde zacht door de blaadjes.
Wat stond het vol bloemen, zij plukte ze maar,
En dacht niet aan huisjes en paadjes!

Opeens kwam van achter een knoestigen stam
Een reus van een wolf, ja verbeeld je, een echte!
Die keek zoo onschuldig en zoet als een lam,
Maar 't was toch een wolf - en een héél erg slechte!

Hij zei: "Wel, waar gaat er het reisje naar toe?"
Roodkapje schrok, niet zoo'n heel klein beetje
En zei benepen: "Naar Grootemoe"....
Wel, dat was nou juist wat hij weten wou, weet je?

"Naar Grootemoe ga je? Dat is me een pret!
En komt ze je niet tegemoet langs het paadje?"
"Nee, Grootje is ziek en ze ligt in haar bed,
En ik breng haar koeken en eiers van maatje."

De schrokkige wolf dacht eens eventjes na,
En likte zijn baard om dat lekkere hapje!
De Grootmoeder eerst en dan 't kindje daarna,
Zoo dacht hij en ging, en hij zei: "Dag Roodkapje!"

In 't aardige huisje, aan 't eind van het bosch,
Lag Grootje in bed achter dichte gordijntjes.
Ze was nu niet ziek meer, alleen nog wat moe,
Weg waren de koorts en die akelige pijntjes.

Ze soesde zoo'n beetje en dommelde wat,
Toen hoorde ze buiten op 't klinkerpad loopen.
Toen werd er geklopt en een stemmetje riep;
"Ik ben het, Roodkapje, doet Grootje niet open?

Ik breng u wat eiers en koeken van moes,
En Grootje, uit bed, riep: "Je trekt maar aan 't touwtje,
Zoo gaat er vanzelf wel de klink van de deur,
En kom dan maar gauw bij je Grootje, mijn vrouwtje."

Toen lichtte er iemand de klink van de deur,
Toen duwde er iemand dat deurtje wijd open,
En binnen kwam...denk eens hoe Grootmoeder schrok -
Die leelijke wolf van Roodkapje geloopen!

Hap - hap - hap en slok - slok - slok,
- Hij had niet ontbeten -
Heeft die wolf met huid en haar
Grootje opgegeten.

Trok toen Grootje's kleeren aan,
Ook haar muts met lussen,
Lei zich toen in Grootje's bed,
Met zijn hoofd op 't kussen.

En het duurde niet heel lang
Of hij hoorde kloppen,
En een stemmetje dat riep:
"Grootje, doe je open?"

En hij riep met Grootjes stem:
"Trek maar aan het touwtje,
Dan zal 't klinkje overgaan.
Kom maar binnen vrouwtje!"

Toen kwam Roodkapje het kamertje binnen,
't Was al een klein beetje donker in huis.
Grootjes gezicht leek zoo zwart op het linnen...
't Kleine Roodkapje dat vond het niet pluis!

"Grootmoeder - wat hebt U groote ooren!"
Zei zei en kwam al een beetje dichterbij.
"Dat is om beter te kunnen hooren."
Was dat wel Grootmoeder's stem die dat zei?

"'t Is of Uw oogen veel glimmender kijken!"
Zei toen Roodkapje, al dichter bij 't bed.
"Ja, om je beter te kunnen bekijken,
Heb ik mijn blinkende bril opgezet!"

"Grootmoe - Uw tanden...." het arme Roodkapje
Stond nu heel dicht bij dien donkeren kop.
"Dat is om beter te bijten!" - één hapje -
En 't klein Roodkapje was heelemaal op!

Toen hij zooveel had gegeten
Werd die wolf heel suf en moe,
En hij bleef nog even liggen,
En deed bei zijn oogen toe.

Maar de Vader van Roodkapje
Was een flinke jagersman,
had den wolf langs 't huis zien sluipen
En begreep er alles van.

Eén - twee - drie ging hij naar binnen,
Zag den wolf en sloeg hem dood,
En bevrijdde 't oude Grootje
En Roodkapje uit den nood.

Want die zaten zóó'n kort poosje
In die donkere maag, dat zij
Allebei springlevend waren!
Wel geschrokken, maar erg blij.

Toen zijn ze door 't bosch langs het paadje
Naar 't huis van Roodkapje gegaan
De vader droeg 't kleine Roodkapje
En Grootmoeder kwam achteraan.

De moeder keek uit op den drempel,
Die dacht al - waar blijft ze zoo lang,
Misschien dat Roodkapje verdwaald is,
Ze was ongerust en heel bang.

Daar kwamen ze aan met z'n drieën!
En vader deed 't heele verhaal,
En moedertje lachte en schreide,
En kuste om de beurt allemaal!

Toen gingen ze allen naar binnen,
En moedertje schepte de brei
Ze knapten de bosbruine koeken,
Wat waren ze allemaal blij!

EINDE.

Onderwerp

ATU 0333 - Little Red Riding Hood    ATU 0333 - Little Red Riding Hood   

AT 0333 - The Glutton (Red Riding Hood)    AT 0333 - The Glutton (Red Riding Hood)   

Beschrijving

Ondanks de waarschuwing van moeder om onderweg naar grootmoeder op het pad te blijven, plukt Roodkapje toch bloemen in het bos. Ze komt ze de wolf tegen, vertelt dat ze naar grootmoeder gaat en waar ze woont. De wolf gaat naar grootmoeders huis, klopt aan, doet de stem van Roodkapje na, kan binnenkomen, eet grootmoeder op, verkleedt zich als grootmoeder en gaat in bed liggen. Als Roodkapje aanklopt doet de wolf de stem van grootmoeder na, Roodkapje verbaast zich over de ogen, oren en tanden van grootmoeder, waarna de wolf haar opeet. De wolf gaat slapen, de vader van Roodkapje die hem bij grootmoeders huis heeft gezien, begrijpt wat er is gebeurd, gaat naar binnen, slaat hem dood, bevrijdt Roodkapje en grootmoeder en brengt ze naar huis.

Bron

Rie Cramer. Sprookjes uit de oude doos. Utrecht, De Haan, [191-?]
KB: KW XKW 3181

Motief

B211.2.4 - Speaking wolf.    B211.2.4 - Speaking wolf.   

K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.    K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.   

Naam Overig in Tekst

Roodkapje    Roodkapje   

Datum Invoer

2019-05-09