Hoofdtekst
Iedere zaterdagavond ontmoetten de Zaandammers elkaar in de scheerwinkel van meester Pomp, de barbier, die hen schoor. Eens haalde iemand daar een brief te voorschijn van zijn zoon, die als ambachtsman in Rusland zijn brood verdiende. Daarin stond dat Peter, de tsaar aller Russen, op weg was naar Holland om aan de Zaan de scheepsbouw te leren. "Men kan hem herkennen", schreef de zoon, "aan zijn lengte, aan een wrat op zijn wang, aan zijn gewoonte om met zijn hoofd te schudden en aan het beven van zijn rechterarm". Zo lekte het geheim van Peters komst uit. Niet lang daarna zat Gerrit Kist, de smid, die een huisje op de Krimp bewoonde, te poeren in de Zaan, toen er een schuit kwam aanvaren waarin een man zat, gekleed in een rood baaien buis en een witte broek. Kist herkende de tsaar, want hij had hem een paar keer in Rusland ontmoet, en op zijn beurt herkende de tsaar hem. Hij beval dat men het bootje bij de vissende smid aan zou leggen en hij zei: "Smid, ik wil bij je wonen." De tsaar woonde een tijdlang bij Kist in het achterhuisje bij het schuurtje en de werkplaats en de zes man die bij de tsaar in het schuitje hadden gezeten kwamen elders onderdak. In die korte tijd dat Peter in Zaandam was, werkte hij bij Lijst Theeuwis Rogge, de scheepstimmerman, die hem de knepen van het vak zou bijbrengen, maar hij vond het ten slotte toch wijzer om enkele Hollandse ambachtslui mee naar Rusland te nemen.
Beschrijving
Bron
Naam Overig in Tekst
Zaandammers   
meester Pomp   
tsaar Peter (De Grote)   
Russen   
Gerrit Kist   
Krimp   
Lijst Theeuwis Rogge   
Naam Locatie in Tekst
De Zaan   
Zaandam   
Rusland   
Nederland (Holland)   
