Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

VODA_019_05

Een sage (mondeling), december 1976

Hoofdtekst

Ik heb hier nog een heel mooi verhaal dat ik opgetekend heb in Mol. Mol dat is een klein plaatsje in België, in de Belgische Kempen.

En in een herberg in Mol daar kwam eens een wonderlijke gast binnen. Hij liet zich het eten en drinken goed smaken, en hield zelfs de overige gasten vrij, en ook de kelnerin werd niet vergeten. Ze kreeg een flinke fooi. De gast betaalde alles met klinkende munt. Drie dagen lang verbleef de vreemdeling in de herberg. Toen gaf de vreemdeling de waard de opdracht hem de volgende morgen vroeg wakker te maken en paard en wagen voor hem gereed te zetten, want hij moest om dringende reden weg. De waard, die zijn wonderlijke gast met zijn goedgevulde beurs niet graag wilde missen, nam de opdracht niet zo n – niet zo precies en liet de gast de volgende morgen rustig liggen, tot de zon hoog aan de hemel stond. Toen de gast wakker werd, en merkte dat het al zo laat was, werd hij erg treurig, en riep uit: ‘Wee mij, wee mij.’ Hij scheen echter weer meester over zichzelf te worden, en zette zich weer aan tafel.

In de namiddag kwam een vreemde ruiter van een – van een nabijgelegen dorp aangereden door de deur van de herberg. Hij hield pas halt toen hij midden in de kamer stond. Het was een ruiter in grasgroen uniform en het dier dat hij bereed was een grote harige hond. Toen de klok drie uur sloeg, legde de ruiter zijn hand op de schouder van de vreemde gast, en zei dat hij direct mee moest komen. Sidderend van schrik stond de gast op, besteeg de harige hond en ging achter de groen geklede ruiter zitten, en in vliegende vaart vloog de hond door de lucht met de beide mannen op zijn rug, totdat ze aankwamen op een groot weideveld, en daar scheurde de aarde zich vaneen, en verdween de hond met zijn twee ruiters. De gasten in de herberg sloegen van schrik een kruis, want nu wisten ze dat de ruiter in het groen de duivel was. Hij was natuurlijk de vreemdeling komen halen omdat deze zijn ziel aan hem verkocht had en zijn tijd op aarde precies om drie uur voorbij was.

Onderwerp

SINSAG 0945 - Andere Begegnungen mit dem Teufel.    SINSAG 0945 - Andere Begegnungen mit dem Teufel.   

Beschrijving

In een herberg in Mol, een plaatsje in het Belgische Kempen, kwam eens een wonderlijke en vrijgevige gast binnen. Hij betaalde alles met klinkende munt. Drie dagen lang verbleef de vreemdeling in de herberg. Toen gaf de vreemdeling de waard de opdracht hem de volgende morgen vroeg wakker te maken en paard en wagen voor hem gereed te zetten, want hij moest om dringende reden weg. De waard, die zijn wonderlijke gast met zijn goedgevulde beurs niet graag wilde missen, deed dit opzettelijk niet. Die namiddag kwam een vreemde ruiter gekleed in grasgroen uniform door de deur van de herberg aangereden op een grote hond. Toen de klok drie uur sloeg, legde de ruiter zijn hand op de schouder van de vreemde gast, en zei dat hij direct mee moest komen. Sidderend van schrik stond de gast op, besteeg de harige hond en ging achter de groen geklede ruiter zitten. De hond vloog met beide mannen op zijn rug door de lucht en verdween toen op een groot weideveld in een scheur in de aarde. De gasten in de herberg sloegen van schrik een kruis, want nu wisten ze dat de ruiter in het groen de duivel was. Hij was natuurlijk de vreemdeling komen halen omdat deze zijn ziel aan hem verkocht had en zijn tijd op aarde precies om drie uur voorbij was.

Bron

Radio-uitzending Vonken onder de As (NOS)

Motief

G303.10.15 - Devil has a hound.    G303.10.15 - Devil has a hound.   

G303.5.2 - Devil is dressed in green.    G303.5.2 - Devil is dressed in green.   

Commentaar

In dit verhaal wordt verwezen naar het overlijden van Jezus Christus, dat eveneens plaatsvond om drie uur ’s middags.

Naam Locatie in Tekst

Kempen    Kempen   

Mol    Mol   

Plaats van Handelen

Mol    Mol