Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

VODA_023_11

Een sage (mondeling), augustus 1977

Hoofdtekst

Dat moet o…in een klein dorpje gebeurd zijn op de grens van en Brabant en van Bel…of van…Nederlands Brabant en Belgisch Brabant. En daar in dat dorpje daar woonde vroeger eens een molenaar die met een erg kwade vrouw getrouwd was. Dagelijks hadden ze hooglopende ruzie met elkaar en negen van de tien keer lag de schuld bij de vrouw. De molenaar kende dan ook weinig rust. ’s Nachts moest er gemalen worden en overdag was er de herrie met de vrouw. Van slapen kwam dan ook weinig. Ten slotte werd het zo erg dat de molenaar ten einde raad besloot om de hulp van de duivel in te roepen. Die moest hem maar van zijn kwaaie vrouw afhelpen.

-En nu moet ik toch een kleine correctie aanbrengen aan dit verhaal, eh, meneer Brand, want, eh, hier komt helemaal geen heks in voor, maar wel die kwade vrouw. En daar vergis ik mij namelijk in.
- Dat zijn ook gewone vrouwen die slecht zijn.
- Lacht: Ja
- Goed.

Op een dag, na weer een van die hevige ruzies, ging de molenaar naar het bos en riep de duivel aan. En ja hoor, even later stond het zwarte geval voor hem en vroeg: “Wat wil je van me?”
“Ik wil van mijn kwaaie vrouw af,” antwoordde de molenaar, “en ik hoop dat jij me daarbij kunt helpen.”
“Dat kan,” zei de duivel, “wat mij betreft vandaag nog, maar er is natuurlijk wel een voorwaarde aan verbonden: voor wat, hoort wat.”
“Die voorwaarde ken ik al,” zei de molenaar, “je bent natuurlijk op mijn ziel uit.”
“Deze keer eens niet.” zei de duivel. “Nee, deze keer is mijn voorwaarde dat ik iedere nacht in jouw molen moet kunnen malen.”
Daar dacht de molenaar niet lang over na. Weliswaar zou hij dan voortaan overdag moeten malen en ’s nachts de duivel zijn gang laten gaan, maar dat had hij er graag voor over, dat was het wel waard. De overeenkomst werd, zoals gebruikelijk bij de duivel, met bloed bezegeld en reeds de volgende morgen kwam de duivel in de molenaarswoning en haalde de vrouw weg. Tevreden wreef de molenaar zich in de handen en zei tot zichzelf: nu is het eindelijk rustig in huis. Eindelijk kan ik in vrede leven.
Maar reeds na een week kwam hij tot de conclusie een slechte ruil te hebben gedaan, want nu moest hij overdag werken en van slapen kwam ’s nachts nog niet veel, want de duivel ging iedere nacht in de molen zo tekeer dat de molenaar tenslotte nog liever zijn vrouw terug had dan de duivel in zijn molen. Tenslotte wilde de molenaar er wel eens wat meer van weten wat de duivel iedere nacht in de molen uitspookte. En op een nacht, zo rond twaalf uur, ging hij buiten op de loer liggen en wat hij toen zag was bijna niet te geloven. Zodra het nachtelijk uur sloeg verscheen er een wagen,
getrokken door zes paarden en volgeladen met zakken. Op één der paarden zat een man met maar één oog. Zodra de wagen voor de molen stilstond sprong de eenogige man van het paard, liep naar de wagen en klapte in de handen. Op dit teken verscheen de duivel die, samen met de eenogige man, de zakken in de molen droeg en deze in de molentrechter leegschudde. Dat ging met heel wat vloeken en schelden gepaard. En zodra de molenstenen begonnen te draaien was het lawaai niet van de lucht. Dat duurde de gehele nacht door.
De volgende nacht werd de molenaar nog brutaler. Toen namelijk ging hij de molen binnen en verborg zich achter de trechter, want hij wilde wel eens weten wat er in die zakken zat. Hij schrok zich een ongeluk toen hij zag dat de zakken niets anders bevatten dan doodskoppen die alle in de trechter werden geworpen. Plotseling hoorde de molenaar dat de duivel zei: “Nu zal het niet lang meer duren of de schedel van de molenaar is er ook bij.” Zijn eenogige metgezel begon daarop grijnzend te lachen. Toen de werkzaamheden van de duivel voorbij waren verliet de molenaar met knikkende knieën de molen, ging terug naar huis en kroop in bed. Maar van slapen kwam niet veel. Steeds dacht hij maar aan de woorden van de duivel en hij kon geen rust vinden.
De volgende morgen toog de molenaar naar zijn buurman die een honderd meter van hem af woonde. Daar vertelde hij het hele verhaal en vroeg of de buurman hem wilde helpen om die beide rustverstoorders te doen verdwijnen. De buurman beloofde hem te helpen. De volgende avond kwamen ze bij elkaar, wapenden zich beiden met een flinke knuppel en gingen, toen het nacht werd, naar de molen en verstopten zich in de meelkamer. Toen omstreeks middernacht de duivel met zijn eenogige metgezel de volle zakken de trappen opsleepte, sprongen de molenaar en zijn buurman tevoorschijn en begonnen danig op de duivel en de eenogige in te slaan. Geschrokken lieten beiden de zakken vallen en maakten dat ze wegkwamen. Vanaf die tijd noemde de molenaar zijn molen ‘De Doodskop’. Onder die naam heeft de molen er nog heel wat jaren gestaan. Nu is-ie afgebroken. Of de vrouw nog ooit teruggekomen is weet niemand te vertellen.

Onderwerp

SINSAG 0881 - Der Teufelsvertrag. Mann schliesst einen Vertrag mit dem Teufel, welcher ihm bei seiner Arbeit Hilfe leistet.    SINSAG 0881 - Der Teufelsvertrag. Mann schliesst einen Vertrag mit dem Teufel, welcher ihm bei seiner Arbeit Hilfe leistet.   

Beschrijving

Een molenaar heeft zo vaak ruzie met zijn vrouw, dat hij op een dag de hulp van de duivel inroept om van haar af te komen. In ruil voor zijn hulp wil de duivel iedere nacht in de molen van de molenaar kunnen malen. De molenaar gaat akkoord, maar heeft al snel spijt. De duivel maakt elke nacht zoveel lawaai dat de molenaar geen oog dicht doet. Hij ontdekt dat de duivel en zijn eenogige handlanger elke nacht zakken vol doodskoppen malen in de molen. De duivel wil ook de schedel van de molenaar vermalen. Samen met zijn buurman weet de molenaar de duivel en zijn handlanger te verjagen. Of de vrouw nog ooit is teruggekomen, weet niemand.

Bron

Radio-uitzending Vonken onder de As (NOS)

Naam Overig in Tekst

molen De Doodskop    molen De Doodskop   

Naam Locatie in Tekst

op de grens van Belgisch en Nederlands Brabant    op de grens van Belgisch en Nederlands Brabant   

Plaats van Handelen

op de grens van Belgisch en Nederlands Brabant    op de grens van Belgisch en Nederlands Brabant