Hoofdtekst
En voor het volgende kerstverhaal, zou ik jullie gaarne meenemen naar het Brabantse dorpje Best. Want daar moet eens in de kerstnacht ook zo’n wonderlijk iets gebeurd zijn. Daar woonde vroeger, in Best, een eenvoudige handwerker, die zich had laten vertellen dat als men in de kerstnacht een doodskop in het water hield, dat deze dan zou veranderen in een klomp goud. De handwerker vond het wel de moeite waard om op deze manier rijk te worden. De eerstvolgende kerstnacht zou hij zijn kans wagen. Toen het zo ver was, kleedde hij zich warm aan en stapte door de donkere avond met een schop over de schouder naar het kerkhof. Want voor een klomp goud schaamde hij er zich niet voor een doodskop te stelen. Toen de man bij het kerkhof aankwam, keek hij links en rechts of er niemand in de buurt was en sloop toen het kerkhof op. Daar begon hij te graven tot die op een doodskop stootte. Rap stak hij die in een juten zak, gooide de kuil weer dicht, sloop het kerkhof af en ging terug naar huis.
Thuis aangekomen, ging hij meteen naar de keuken, nam een grote bak en vulde deze met water. Hierin smeet hij de doodskop en zette de bak daarna op het vuur. Maar o wee, nauwelijks begon het water te koken, of daar sprong de gesloten keukendeur krakend open en vielen er tientallen doodkoppen zomaar naar binnen. Natuurlijk kwamen die om de kokende doodskop te wreken. Vol schrik wierp de handwerker zich op de grond. Maar in zijn val stootte hij tegen de bak met water die op het vuur stond. Daardoor viel de bak op de grond en de doodskop rolde eruit. De man gaf een gil van angst, vloog weer overeind en vluchtte naar de deur, die hij met zijn volle gewicht openramde, en snelde naar buiten. Maar ook de doodskoppen maakten rechtsomkeert en vervolgden de man. En hoe snel de man ook liep, de doodskoppen bleven hem op nauwelijks één meter volgen. Het eigenaardige echter was dat ze niet dichterbij kwamen. Totdat een doodskop zich uit de achtervolgers losrukte, tot voorbij de handwerker, en daar voor hem uit bleef rollen. Het was de doodskop die door de man gestolen was. Opeens kreeg de man een reddende gedachte: snel bukte hij zich, raapte de doodskop op en rende ermee naar het kerkhof, nog steeds achtervolgd door een tiental doodskoppen. Op het kerkhof aangekomen, rende hij meteen naar de plaats waar hij de doodskop opgegraven had en begroef deze weer opnieuw. Toen pas staakte de andere doodskoppen hun achtervolging. De man was gered. Maar de volgende morgen vonden vroege kerkganger hem op het kerkhof, doodgevroren.
Thuis aangekomen, ging hij meteen naar de keuken, nam een grote bak en vulde deze met water. Hierin smeet hij de doodskop en zette de bak daarna op het vuur. Maar o wee, nauwelijks begon het water te koken, of daar sprong de gesloten keukendeur krakend open en vielen er tientallen doodkoppen zomaar naar binnen. Natuurlijk kwamen die om de kokende doodskop te wreken. Vol schrik wierp de handwerker zich op de grond. Maar in zijn val stootte hij tegen de bak met water die op het vuur stond. Daardoor viel de bak op de grond en de doodskop rolde eruit. De man gaf een gil van angst, vloog weer overeind en vluchtte naar de deur, die hij met zijn volle gewicht openramde, en snelde naar buiten. Maar ook de doodskoppen maakten rechtsomkeert en vervolgden de man. En hoe snel de man ook liep, de doodskoppen bleven hem op nauwelijks één meter volgen. Het eigenaardige echter was dat ze niet dichterbij kwamen. Totdat een doodskop zich uit de achtervolgers losrukte, tot voorbij de handwerker, en daar voor hem uit bleef rollen. Het was de doodskop die door de man gestolen was. Opeens kreeg de man een reddende gedachte: snel bukte hij zich, raapte de doodskop op en rende ermee naar het kerkhof, nog steeds achtervolgd door een tiental doodskoppen. Op het kerkhof aangekomen, rende hij meteen naar de plaats waar hij de doodskop opgegraven had en begroef deze weer opnieuw. Toen pas staakte de andere doodskoppen hun achtervolging. De man was gered. Maar de volgende morgen vonden vroege kerkganger hem op het kerkhof, doodgevroren.
Onderwerp
SINSAG 0450 - Andere Tote spuken.   
Beschrijving
Een man heeft gehoord dat een doodskop in een klomp goud verandert wanneer je hem op kerstnacht in een bak water houdt. Wanneer hij een doodskop, die hij uit het kerkhof heeft gestolen, in het water steekt, wordt hij aangevallen door een grote zwerm doodskoppen. De man rent terug naar het kerkhof om de doodskop weer te begraven. Zodra hij dit heeft gedaan staken de doodskoppen hun achtervolging. De volgende morgen wordt zijn doodgevroren lichaam echter op het kerkhof gevonden.
Bron
Radio-uitzending Vonken onder de As (NOS)
Naam Overig in Tekst
Kerstnacht   
Naam Locatie in Tekst
Best (Noord-Brabant)   
Plaats van Handelen
Best   

