Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

CBOEK070 - De lange lente

Een mop (brief), woensdag 07 februari 1894

Hoofdtekst

De lange lente
Een boer had erg veel worsten, ham, zijen spek in den rook hangen. En toch moest de vrouw maar telkens vleesch koopen.
"Maar man, waarvoor mag ik toch die worst niet gebruiken?"
"Och vrouw, die is voor de lange lente."
De vrouw: "Voor de lange lente, wie zal dat wel zijn?"
Naar een poos vroeg zij weer, maar het was en bleef voor de lange lente. De vrouw begreep het niet, maar een zeker iemand, die het eens goeden dágs gehoord had, begreep het beter. Hij was lang en wilde het probeeren, lange Lente te spelen.
Hij komt binnen, toen de boer niet thuis was, en zegt: "Zoo vrouw, daar ben ik om de worst en 't spek te halen."
"Maar wie ben je dan?"
"Ik? Ik ben de lange lente!"
"Zoo zoo, is U de lange Lente! Nou, als het dan moet, vooruit dan maar!"
En hij weg met die lekkere worstjes. *
De man komt thuis, mist natuurlijk worst, enz., vraagt, hoort, zadelt dadelijk zijn beste paard en rijdt die lange lente na, in de richting, die hem zijn vrouw aangewezen [had]. Hij komt aan 't bosch, waar lange lente reeds hem aan ziet komen.
Lange Lente gooit zijn pak weg en loopt dien boer tegemoet, vragende: "Maar man, waarom zulk een haast?"
"Hebt u niet iemand gezien hier in de omtrek met een zwaar pak?"
"Ja, ja, die liep hier net door 't bosch."
"Maar hoe kan ik er door met mijn paard?"
"Nou, ik zal je paard wel even vasthouden."
In een ommezien was de boer in 't bosch verdwenen en even zoo gauw zat de lange lente met zijn worst op het paard en weg was hij.
[Van het teken * heb ik het ook wel eens achter den uit den hemel gevallenen hooren vertellen, met het einde, dat de boer thuis aan zijn vrouw vertelt, dien goeden man ook nog het paard medegegeven te hebben dat Kees boven niet zonder hoeft te zitten.]

Onderwerp

AT 1541 - For the Long Winter    AT 1541 - For the Long Winter   

ATU 1541 - For the Long Winter.    ATU 1541 - For the Long Winter.   

Beschrijving

Een boer bewaart worsten, ham en spek, waar zijn vrouw niet van mag gebruiken. Zij vraagt waar voor dat vlees bedoeld is en krijgt als antwoord, voor de lange lente. Een man hoort dit en doet zich voor als de lange lente en krijgt van de boerin alles mee. De boer gaat hem op een paard echter achterna. Bij het bos verstopt de man zijn buit en vraagt de boer wie hij zoekt. De boer legt het uit en de man zegt dat de dief het bos is ingegaan. De boer kan het bos alleen maar lopend in en de man biedt aan zolang op het paard te passen. Zodra de boer in het bos is verdwenen, haalt de man zijn buit op en vlucht met het paard.

Bron

Collectie Boekenoogen (archief Meertens Instituut)

Commentaar

7 februari 1894
Met variant op CBOEK049
For the Long Winter

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:22