Hoofdtekst
Ja, er was eens een waard en daar gingen ze altijd kaarten. Ze waren altijd met vieren. Op zeker ogenblik was een vriend niet komen opdagen. Er werd een stevige pint gedronken. Plotseling werd iemand kwaad en begon te vloeken etc. Kwam toch iemand om met ons te kaarten al was 't de duivel in eigen persoon.
Ja, iets later gaat de deur open en een heer komt binnen.
"Ach, daar komt iemand om mee te kaarten. Kom, neem aan onze tafel plaats." Maar de heer zei niks, hij bekijkt het gezelschap eens.
"Kom maar, dan hebben we iemand om te kaarten," zei een der mannen.
"Neem de kaart, neem de kaart," sprak de vreemdeling.
Ze hadden de hele avond gekaart en gedronken. Op zeker ogenblik valt iemand een kaart, hij raapt de kaart op, kijkt, en ziet dan dat de vreemde heer paarden-voeten heeft.
Jezus, denkt hij, wat is dat, dat is toch iets wat niet in de haak is. Hij staat op, zegt tegen de anderen, ja ik moet even…, ik moet even naar buiten, een plasje maken,…. ik ben zo terug.
Maar hij was al 5 minuten weg, hij was al 10 minuten buiten,…. hij was al 'n kwartier buiten en ging ook niet meer terug.
Maar, dacht een ander, wat zou toch gebeurd zijn? 't Is me toch wat vreemd. Toen dacht die ook, kijk eens onder de tafel. Hij doet het, kijkt onder de tafel en ziet dan ook de paardenvoeten.
Ja, zei nummer 2 toen, ik ga toch eens kijken, die blijft me toch wat te lang. En op deze reis bleef ook deze weg, ging niet meer naar binnen.
Nu zat de waard nog alleen met de vreemdeling binnen in de herberg. De waard voelde zich niet helemaal op zijn gemak. Hij deed het de andere na en keek ook eens onder de tafel in en zag daar ook de paardenvoeten. Ja, dacht de waard, zorg dat je die vent kwijt wordt. En hij probeerde van alles maar de heer ging niet weg. Hij had al zo lang gewacht en niemand kwam meer binnen. Toen besloot hij naar een geestelijk te gaan en die zou dan maar moeten proberen die vent buiten te krijgen, want hij zag wel dat het geen echte man was. Hij heeft toen een geestelijke gehaald, die heeft gezegend en overlezen etc. Plotseling vluchtte de kerel maar liet een stank achter, zo gemeen vies, zodat ze nooit meer herberg hebben kunnen houden.
Ja, iets later gaat de deur open en een heer komt binnen.
"Ach, daar komt iemand om mee te kaarten. Kom, neem aan onze tafel plaats." Maar de heer zei niks, hij bekijkt het gezelschap eens.
"Kom maar, dan hebben we iemand om te kaarten," zei een der mannen.
"Neem de kaart, neem de kaart," sprak de vreemdeling.
Ze hadden de hele avond gekaart en gedronken. Op zeker ogenblik valt iemand een kaart, hij raapt de kaart op, kijkt, en ziet dan dat de vreemde heer paarden-voeten heeft.
Jezus, denkt hij, wat is dat, dat is toch iets wat niet in de haak is. Hij staat op, zegt tegen de anderen, ja ik moet even…, ik moet even naar buiten, een plasje maken,…. ik ben zo terug.
Maar hij was al 5 minuten weg, hij was al 10 minuten buiten,…. hij was al 'n kwartier buiten en ging ook niet meer terug.
Maar, dacht een ander, wat zou toch gebeurd zijn? 't Is me toch wat vreemd. Toen dacht die ook, kijk eens onder de tafel. Hij doet het, kijkt onder de tafel en ziet dan ook de paardenvoeten.
Ja, zei nummer 2 toen, ik ga toch eens kijken, die blijft me toch wat te lang. En op deze reis bleef ook deze weg, ging niet meer naar binnen.
Nu zat de waard nog alleen met de vreemdeling binnen in de herberg. De waard voelde zich niet helemaal op zijn gemak. Hij deed het de andere na en keek ook eens onder de tafel in en zag daar ook de paardenvoeten. Ja, dacht de waard, zorg dat je die vent kwijt wordt. En hij probeerde van alles maar de heer ging niet weg. Hij had al zo lang gewacht en niemand kwam meer binnen. Toen besloot hij naar een geestelijk te gaan en die zou dan maar moeten proberen die vent buiten te krijgen, want hij zag wel dat het geen echte man was. Hij heeft toen een geestelijke gehaald, die heeft gezegend en overlezen etc. Plotseling vluchtte de kerel maar liet een stank achter, zo gemeen vies, zodat ze nooit meer herberg hebben kunnen houden.
Onderwerp
SINSAG 0904 - Der vierte Mann. Teufel als Kartenspieler erkannt am Bocksfuss (Pferdefuss).   
SINSAG 0410 - Der gebannte Geist.
  
Beschrijving
Na vraag om vierde kaarter verschijnt heer die paardevoeten blijkt te hebben. Heer verdwijnt als geestelijke zegent en overleest, met achterlaten van stank.
Bron
Collectie Brouwers, verslag 5, verhaal 3 (Archief Meertens Instituut)
Commentaar
Brouwers: m.n. 21
Naam Overig in Tekst
Jezus   
