Hoofdtekst
Er moet ooit op Klimmen iemand zijn geweest, die moet in de Houtstraat gewoond hebben; L. heette hij en die kon bloed doen stollen.
Op zekere keer had de pastoor gepreekt dat dat niks was, dat was allemaal bedrog. Maar die man had veel mensen geholpen.
Op zekere dag kreeg de pastoor ook een bloeduitstorting en toen raadde men hem aan eens naar L. te gaan.
Neen, zei de pastoor toen, dat durf ik niet, zei hij, daar heb ik toch zo tegen gewaarschuwd.
Ja, na lang praten, ging hij dan toch, was hij dan toch gegaan en was hij genezen, was hij door die man goed geholpen. Daarna zou hij dan gepreekt hebben: dat, die... als iemand zo iets had dan zou hij maar rustig naar L. gaan.
---------------
plaats van handeling: Klimmen
vraag: van wie hebt U dit verhaal gehoord?
antw.: van mijn moeder z.g.
Op zekere keer had de pastoor gepreekt dat dat niks was, dat was allemaal bedrog. Maar die man had veel mensen geholpen.
Op zekere dag kreeg de pastoor ook een bloeduitstorting en toen raadde men hem aan eens naar L. te gaan.
Neen, zei de pastoor toen, dat durf ik niet, zei hij, daar heb ik toch zo tegen gewaarschuwd.
Ja, na lang praten, ging hij dan toch, was hij dan toch gegaan en was hij genezen, was hij door die man goed geholpen. Daarna zou hij dan gepreekt hebben: dat, die... als iemand zo iets had dan zou hij maar rustig naar L. gaan.
---------------
plaats van handeling: Klimmen
vraag: van wie hebt U dit verhaal gehoord?
antw.: van mijn moeder z.g.
Onderwerp
TM 3102 - Belezer geneest mens of dier   
Beschrijving
Pastoor trekt bewering in dat bloedstollen door genezer bedrog is, nadat door de genezer zijn bloeduitstorting is genezen.
Bron
Collectie Brouwers, verslag 17, verhaal 4 (Archief Meertens Instituut)
Commentaar
Brouwers: m.n. 74
Naam Overig in Tekst
Houtstraat   
L.   
Naam Locatie in Tekst
Klimmen   
Plaats van Handelen
Klimmen   
