Hoofdtekst
Op het Jaagpad tussen Vrouwenakker en Uithoorn, vooral in de buurtschap De Drie Tuinen, is het vaak gebeurd dat het paard dat voor de wagen was gespannen hevig schrok en met geen zweepslagen verder was te krijgen. Dan zweefde daar het spook Rosalinde voorbij. Waar de Amstel de Mijdrechtse Stuwe kruist stond vroeger een burcht, waar de heer Gijsbrecht woonde met zijn dochter Rosalinde. Tegenover zijn slot stond het kasteel van ridder Jan van Thamen, een edelman die beweerde van Noorse afkomst te zijn en die daarom een vikingschip in zijn wapen voerde. Hij had de zijde van de Hollanders gekozen, terwijl Gijsbrecht aan de kant van de Utrechtse bisschop stond. Eens was Utrecht aan de winnende hand geweest en Gijsbrechts slot was toentertijd aan de Van Thamens ontnomen, maar een sinds lang afgesloten onderaardse gang verbond nog beide burchten. Heer Jan wist van het bestaan van die gang af. Hij verbrak de dichtgemetselde toegangen en wist zo in Gijsbrechts slot te komen om daar Rosalinde te ontmoeten. Op een kwade avond ontdekte Gijsbrecht hen en Jan van Thamen, beducht voor zijn wraak, zocht een goed heenkomen door de onderaardse gang. Vader Gijsbrecht liet toen zijn dochter Rosalinde in een van de grote kelders aan een ijzeren ring vastklinken en de hongerdood sterven. In het rechthuis van Uithoorn, dat op de grondvesten van Gijsbrechts burcht stond en dat later tot hotel werd verbouwd, wees men de bezoekers een grote regenbak, waarin een paar ijzeren ringen waren bevestigd. Dat zou de beruchte kelder zijn geweest, waarin Rosalinde stierf. Sindsdien hoorde men uit de diepte een klagelijk geluid; dat was Rosalinde die om haar verloren liefde zuchtte.
Onderwerp
SINSAG 0450 - Andere Tote spuken.   
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Jaagpad   
De Drie Tuinen   
Rosalinde   
Mijdrechtse Stuwe   
Gijsbrecht   
Jan van Thamen   
Hollanders   
Noorse   
Naam Locatie in Tekst
Vrouwenakker   
Uithoorn   
Amstel   
Utrecht   
