Hoofdtekst
De "Witte Wieven" zijn hier in verhalen wel bekend. Van "de groote Kees" wordt verteld, dat hij ze gezien heeft. Toen hij een jonge kerel was, keerde hij eens tegen middernacht van een familiebezoek terug naar huis. Onderweg moest hij door een moerassige hei, de "breistroet", waar een bruggetje over een beek voerde. Midden op de brug gekomen, zag hij plotseling de witte wieven. Hij kon zich niet meer verroeren en drukte zich met de rug tegen de brugleuning. Langzaam zweefden ze nader en gingen rakelings langs hem heen over de brug. Na eenige tijd kon hij zich weer bewegen. Nat van 't zweet, "an ieder haor hing 'n dropal", kwam hij thuis. Ze zijn ook op de Staverense hei. Bovengenoemd persoon heeft het aldus aan een kennis van mij verteld.
Beschrijving
Grote Kees liep om middernacht over een bruggetje. Opeens kon hij zich niet meer bewegen. Witte Wieven zweven langs hem heen. Pas toen zij voorbij waren, kon hij zich weer verroeren.
Bron
Volkskundevragenlijst 2 (1937), formulier F.124, archief Meertens Instituut
Commentaar
1937
anonieme verteller
Naam Overig in Tekst
Grote Kees   
Witte Wieven   
Staverense hei   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22
