Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

LYST232

Een sage (vragenlijst), 1937

Hoofdtekst

Te Aalst was op een boerderij in een nacht al het graan verdwenen, dat gedorscht was. De eigenaar gaf den kabouters de schuld van dien diefstal en zou ze een poets spelen. Daar de dwergjes gewoon waren uit den koeketel te eten, hing hij op zekeren avond den ketel, niet met groenten en aardappels, maar met oude leeren lappen gevuld, over het haardvuur. Wakker te bed liggend, hoorde hij des nachts de kabouters komen, die zich aan het eten te goed wilden doen. Zoals men denken kan, smaakte het niet en de boer hoorde na een poosje een hunner zeggen: "Ik ben al zoo oud, dat er twee molenstanders op denzelfden stam gegroeid zijn, maar nog nooit in mijn leven, heb k zoo'n taaie fikkefak gegeten." Hun verblijf in die woning was van korte duur.

Onderwerp

SINSAG 0066 - Die zähe "fikkefak"    SINSAG 0066 - Die zähe "fikkefak"   

Beschrijving

Op een boerderij is in een nacht al het graan verdwenen. De boer geeft daarvan de kabouters de schuld en geeft hen als straf oude leren lappen te eten, in plaats van ze een lekkere maaltijd voor te schotelen. De kabouters hebben van hun leven nog niet zo'n taaie maaltijd gehad, en daarom verhuizen ze zo snel mogelijk naar een ander huis.

Bron

Volkskundevragenlijst 2 (1937), formulier K.168, archief Meertens Instituut

Commentaar

1937
Die zähe "fikkefak". Zwerge bekommen ungeniessbare Speisen.

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:22