Hoofdtekst
Den eeuwigen jager, hij was hier in de twintig gemete en dat passeerde in de lucht, dat was lijk een redelijken groten veugel, dat schreeuwde lijk een fazantenhaan maar veel langer. Maar dat en doet aan niemand geen kwaad.
Beschrijving
De eeuwige jager leek op een grote vogel die door de lucht vloog en schreeuwde zoals een fazantenhaan. Hij deed echter niemand kwaad.
Bron
A.-M. Devynck, Leuven, 1965
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (franse grens)
90
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Stavele   
