Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MDREE0110_0110_2081 - Twee honden plagen

Een sage (mondeling), 1967

Hoofdtekst

Dat waren twee hon(den), ene kleine en ene grote hond. En doa kwam ene man op van Vechmaal noa Lauw te voet. En die twee hon(den) liepen voor de man. Hij kon ze nie wegkrijgen. Toen kwamter doa aan e veld met pelottten (= patatten?) op staan, hij nam doa ene pelot en toen had er iet voor hem te weren tegen dien hond. As het de grote nie was, dan was het de kleine wa hem lastig viel. Dat he(ef)t zo oeren en oere gedoerd (= uren en uren geduurd), ze sprongen alted voor hem in. Dat was 's nach(t)s mè die man he(ef)t afgezien.

Onderwerp

SINSAG 0256 - Plagegeist (in Tiergestalt) erschreckt späten Wanderer (und begleitet ihn).    SINSAG 0256 - Plagegeist (in Tiergestalt) erschreckt späten Wanderer (und begleitet ihn).   

Beschrijving

Een man die 's nachts te voet van Vechmaal naar Lauw ging, werd geplaagd door twee honden. Bij een aardappelveld, raapte de man een grote aardappel op om zich tegen de honden te verdedigen. De dieren lieten de man echter niet met rust.

Bron

M. Dreezen, Leuven, 1967

Commentaar

1.5 Plaaggeesten
limburgs (tongeren en omstreken)
338
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Lauw    Lauw   

Plaats van Handelen

Vechmaal    Vechmaal   

Lauw    Lauw