Hoofdtekst
De eeuwige jager dadde es een die voyageert in de lucht. ’t Kwam e keer een dundervlage up uit de West, en min vader ging naar boven voor den dakvenster toe te doen, maar die vlage wierd versteken (weggeduwd), en min vader stak de venster were open, en j’hoorde schoon muziek in de lucht, allè een soorte klanken oezwo, en je zag daar in de dikke wolken lik één rondwareren (rondzwerven). "Kijk, zegt ne, ’t es den eeuwige jager." Den dag daarup je ging naar Beselare om een koe te verkopen te Nuyttens, en den dien had geheel hetzelfde gezien, wok lik klanken in de lucht, in de dikke wolken.
Beschrijving
Een man die een onweersbui zag aankomen, ging naar boven om het dakraam te sluiten. Plots hoorde de man mooie muziek in de lucht. Tussen de donkere wolken zag hij de eeuwige jager rondzweven. De volgende dag vernam de man dat een kennis van hem precies hetzelfde had gezien.
Bron
M. Reynaert, Leuven, 1965
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (ieper)
59
Vader van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zandvoorde   
