Hoofdtekst
Min vader ging ne keer ’s nuchtens deur den bus, en ’t begoste met ene slag zo te waaien in dien bus, en ’t liep olsan een groten zwarten hond langs hem, en oetne tenden kwam wos da gedaan met waaien en dienen hond wos wok weg.
Onderwerp
SINSAG 0333 - Spuktier erschreckt Wanderer (und begleitet ihn).   
Beschrijving
Een man wandelde 's ochtends door het bos toen het plots hevig begon te waaien. Even later verscheen er een grote zwarte hond, die met de man meeliep. Zodra de man het bos had verlaten, was de hond verdwenen en werd het weer windstil.
Bron
M. Reynaert, Leuven, 1965
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (ieper)
110
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Houtem   
