Hoofdtekst
Spookzeug.Als we naar 't Hollands Treik gingen, over de Hollandse baan, kwamen we een bos tegen. Daarin stond er een boerderij, die van Aartje Hendrickx. Zijn vrouw was dood, en hij woonde er met zijn dochter, ongetrouwd en toch vier kinderen. Wel, daar spookte het ook. Daar liep altijd 's avonds een zeug met een ketting rond haren hals. En wij dierven er 's avonds niet langs passeren, want dan spookte het ook. Dat moet een groot beest geweest zijn, en als het maar zijn hoeven tegen de stenen stampte, dan vlogen de gensters er uit.
Beschrijving
In het bos langs de Hollandse baan stond een boerderij. Daar woonde een weduwnaar met zijn ongehuwde dochter die vier kinderen had. Op die boerderij spookte het. ’s Avonds liep daar altijd een grote zeug met een ketting rond haar nek rond. Wanneer de zeug met har hoeven tegen de stenen schopte, vlogen er gensters uit.
Bron
R. Aertsen, Leuven, 1953
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
antwerps (noorden van de antwerpse kempen)
102
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Loenhout   
Plaats van Handelen
Hollandse baan   
