Hoofdtekst
De Barende Vrouw.Ik heb de Barende Vrouw ne keer gezien en dat is nog geen dertig jaar leen. Dat was in onze Victor zijne meers (weide). ’t Weer was zo stil als nu. En ginder in den hoek van die meers ging dat hooi mee ne keer omhoog en ’t draaide gelijk als ne kolk; een beetje nadien kwam dat weer naar beneen. Ja, en dat was mee stille weer.
Beschrijving
Een man zag bij rustig weer een bussel hooi in een weide met draaiende bewegingen in de lucht vliegen. Daarna viel het hooi weer naar beneden.
Bron
P. Henderickx, Leuven, 1959
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
oost-vlaams (tussen schelde en dender)
48
Na 1929
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Mere   
