Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

HHEND0090_0090_42732

Een sage (mondeling), 1962

Hoofdtekst

Slaapt wat slaapt en waakt wat waakt.Da was at hier nog gene steenweg laag en oep nen avond klopte z'is en ze broechten een kist binnen. En ze vroegen of da die hier wa moecht staan want da wiel van eulle (hun) kaar was gebroken. En d'r woonden hier tun ook een meid en die betrouwde da nie. En ze gingen allemaal slapen, mor die meid die bleef nog wa beneien en a z'allemaal boven waren dan ging die kist open en d'r kwaam d'r ene mee e keske uit, ne veent. En die zet da daar oep dien hoek van de schouw se en hij zee: "Slopt da slopt en wokt da wokt!" En dan ging die buiten. En die meid komt gaa nor beneien en ze doe die deur vast. En ze wult die mensen m'r wakker maken mor ze kreeg ze nie wakker. En ze pakt da keske vast mee een tang en ze steekt da deur de mozegoot buiten en dan kost ze ze wakker krijgen. En dat is nog gebeurd bij de meensen die a nog veur mijn moeder hier gewoond hemmen. Da's al laank geleien he.

Beschrijving

Op een boerderij bracht men op een avond een kist naar binnen. De eigenaars hadden een gebroken wiel, waardoor ze niet voort konden met hun kar en de kist ergens moesten zetten. De meid die op de boerderij werkte, zag hoe de kist 's avonds openging en er een man met een kaarsje uit kwam. De man zette het kaarsje op de hoek van de schoorsteenmantel en zei: "Slaapt dat slaapt en waakt dat waakt!" Daarna ging hij naar buiten. De meid wilde de boer en de boerin wakker maken, maar dat lukte haar niet. Pas toen ze de kaars met een kachelpook langs het afvoergat voor het water buiten had gezet, werden de boer en de boerin wakker.

Bron

H. Hendrickx, Leuven, 1962

Commentaar

1.4 Luchtgeesten
antwerps (overgangsgebied antwerpen - kempen)
153
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Ranst    Ranst