Hoofdtekst
Bij de jonge Jan Willekes daar was zo e mechtje, e weeskind, en dat kos oech nie slapen, dat lag altijd te schrouwen, te schrouwen. Daar zat altijd 'n kat bij op de kamer. Ja, en als die kleine dat zag dan begos hij te schrouwen. Maar kwam er iemand in de kamer kijken dan liep die weg 't koren in of zo. Maar Jan had ze toch eens gezien en hij schoot er op en 's anderendaags had ze heel haar hand kapot. Weet ge wie 't was? Jona van den Hoed.
Onderwerp
SINSAG 0640 - Hexentier verwundet: Frau zeigt am folgenden Tag Malzeichen.
  
Beschrijving
Bij Jan W. woonde een weeskindje dat 's nachts niet kon slapen omdat er altijd een kat in haar kamer zat. Nadat Jan naar de kat had geschoten, had Jona een grote wonde aan haar hand.
Bron
I. Kenens, Leuven, 1957
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (noord-west)
230
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Jona   
Jan W.   
Naam Locatie in Tekst
Hamont   
