Hoofdtekst
Bloedkaros suist voorbij.Ik was nog geen elf jaar en ik kwam van mijn tante over de wei en opeens kwam daar zo ne rode wagen voorbij met alle geweld. Mijn haren stonden recht op mijn kop en ik wier helemaal koud.
Beschrijving
Een jongen die terugkwam van een bezoek aan zijn tante, zag in de weide een rode wagen met veel lawaai voorbijrijden. De jongen was doodsbang.
Bron
R. Aertsen, Leuven, 1953
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
antwerps (noorden van de antwerpse kempen)
304
Omstreeks 1900
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Brasschaat   
