Hoofdtekst
In ’t jaar ’13 zeien de mensen: "Weete ’t al? D’er is wat te ziene in de lucht." "Eh watte?" zeien de mensen… "He, een sterre mee nen steirt (staart)". En ik heb da gezien mee mijn eigen ogen. En da was alle navonden te zien. En da zijn geen leugens. En da was de voorzegginge van den oorlog. Da waren de waarzeggers die da zeien tegen de mensen. En ’t heet ’t jaar daarachter oorloge geweest, jaat. Jaak da wete’k goed en damme buiten gingen en zeien: "’k Zie ze." En d’er was daar ne lange steirt aan.
Onderwerp
SINSAG 0487 - Vorbedeutung anderer Ereignisse.   
Beschrijving
In 1913 zagen de mensen iedere avond een grote staartster in de lucht. Dat was een voorteken van de eerste wereldoorlog.
Bron
O. Mattheeuws, Leuven, s.d.
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (grens oost- en zeeuws-vlaanderen)
256
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Knesselare   
