Hoofdtekst
Me moeders zuster wierd ook van de moare bezeten. ’s Nachts vochte ze dotegen. U ze ’s nuchtens ipstoend, stoend dor een handje ip de meur, helegaans zwart. Da was de kwoan haand of de zwarten haand, dan ze zeggen.
Onderwerp
SINSAG 0291 - Mensch von Mahr beritten   
Beschrijving
Een vrouw die 's nachts door de maar werd bereden, zag 's ochtends een zwarte hand op de deur staan. Dat was de kwade hand, die ook wel 'de zwarte hand' werd genoemd.
Bron
M.-R. Nijsters, Leuven, 1969
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (nw van houtland)
30.12
Tante van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Gistel   
