Hoofdtekst
3E Jan zijn grootmoeder die had een herberg gelegen ergens tussen de grote markt en richting steenweg naar Rillaar, het voorste gedeelte van die weg. Dat was ook een café. Die madam, die had een zwart boek, zij werd genoemd zijnde een heks. Heksenfeiten over haar ken ik niet, alleen dat die mevrouw dus heel oud werd. En blijkt dat iemand die een zwart boek heeft niet kan sterven, als ze dat zwart boek niet doorgeeft aan iemand anders. Dus, die vrouw die was heel oud, ellendig ziek, maar die geraakte van haar boek niet af. Want haar dochter wilde het niet. He, dus haar dochter wou dat boek niet aannemen. Nu ze is dan toch gestorven, haar dochter heeft het boek in extremis aangenomen. En wat er daarna gebeurd is met het boek, dat weet ik niet. Alleen dat die mevrouw niet kon sterven zolang dochter dat boek, die wijsheid, niet accepteerde.x Maar dat boek, stond dat dan vol slechte krachten of zo dat die dochter dat niet wou aannemen?3E Wel, ik zou dat niet durven zeggen, maar ik heb van in het begin daar gezegd: pas op, een heks is een kruidenmadammeke. Die kruidenmadammekes, die konden dingen doen die buiten het gewone lagen. Niet buitengewoon, maar buiten het gewone. En zodra jij buiten het gewone kon doen, werd je een heks. En werd je op de brandstapel gelegd. Als je lang genoeg dat boek had, werd je gekend door iedereen als heks met alle slechte kanten. Dus dan is het begrijpbaar dat iemand die tachtig jaar zou zijn, destijds als zij dan veertig jaar zou zijn, dat boek niet wou accepteren. Dan spreken we van 1950. Dan spreken we van 1950, maar als heel Aarschot je verslijt voor heks, en als iedereen zegt: "Als die sterft dan wil dat zeggen dat haar dochter het boek heeft." Dan word jij dus ook versleten als heks. Wel in 1950, je zou zeggen: "Allé, wie gelooft daar in." Maar ja, dat bestond, dat bestond. Dus die personen, de dochter is onlangs overleden. De zoon leeft nog en de dochter leeft ook nog enfin, de kleinkinderen leven nog. Die meneer in kwestie, die Jan, die zou over zijn grootmoeder heel waarschijnlijk heel wat meer kunnen vertellen. Als ‘m wilt, je zou het hem eens kunnen gaan vragen.x Van waar komen die boeken dan?3E Dat weet ik niet, dat weet ik niet. Ik zou het niet weten, ik kan er enkel naar gissen. Het moet ergens geschreven en te boek gesteld worden. Lindethee voor te slapen en kamillethee voor te hoesten, weet ik veel. En natuurlijk andere, duistere eigenaardigheden.
Beschrijving
Een herbergierster die een zwart boek bezat, werd een heks genoemd. Toen die vrouw al heel oud was, kon ze niet sterven, omdat haar dochter haar zwart boekje niet wilde overnemen. Uiteindelijk heeft de dochter het boek dan toch aangenomen. Daarna kon de vrouw sterven.
Bron
T. Bergen, Leuven, 2003
Commentaar
2.1 Heksen
vlaams-brabants (groot-aarschot)
3E
1950
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Langdorp   
