Hoofdtekst
In het deurp was do ene zekere Vranken woa de maach hoa om heksen voert te joagen. Hij deed dit op een eigenoardige manier. Hij kroep op zijn knieën de trap op en koem donoa terug noa onder. Dan was de hekserij gedoan. Op ne keer hoa hij dat weer gedoan toen hij echter onder koem zoog hij dat zijn klompen vol woater stoenden. Toen zaag hij: 'Nou hèt de heks mich niks kunnen dun, mai ze hèt mijn klompen vogedoan'.
Onderwerp
SINSAG 0780 - Zauberer zwingt auf andere Weise, die Bezauberung fort zu nehmen.   
Beschrijving
In Borgloon woonde een zekere V., die heksen kon verjagen. De man kroop op zijn blote knieën de trap op. Wanneer hij weer naar beneden kroop, was de heks verdwenen. Toen Vranken op een dag van de trap kwam, zag hij dat zijn klompen vol water stonden. De heks had dat gedaan.
Bron
R. Jageneau, Leuven, 1965
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (borgloon)
442
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Borgloon   
Plaats van Handelen
Borgloon   
