Hoofdtekst
Op het eind van de achttiende eeuw zaten hier overal dievenbenden en onder hen waren de bokkenrijders wel de ergsten. En de mensen noemden hun zo omdat ze meinden dat den duvel hun in de gedaante van ne bok bijstond en hun auch door de lucht voerde.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
In Kessenich waren veel roversbendes, waarvan de bokkenrijders de ergste waren. De mensen geloofden dat de duivel de bokkenrijders hielp en hen in de gedaante van een bok door de lucht voerde.
Bron
T. Daniëls, Leuven, 1965
Commentaar
4. Historische sagen
limburgs (weert en omstreken)
Aan het einde van de 18de eeuw, aldus de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Kessenich   
Plaats van Handelen
Kessenich   
