Hoofdtekst
- De B., achter het kanaal woonde die en die ging met bessemen rond daar aan Vlijtingen en daar rond alle kanten op die dorpen daar. En toen was hij teruggekomen tot in Bilzen daar bij Schuurhoven boven op de berg daar, dat was café. En daar een goeie pint gaan drinken. Daar was ene uitgegaan en die had de B. zijn kroekar (= kruiwagen) gepakt en die stond op huis aan en toen hadden ze zijn kroekar zo gezet. En toen kwam de B. uit een uur daarna en een goeie pint gedronken en die pakt zijn kroekar op en die gaat zijn kroekar na. En Pee K. van Munsterbilzen, dat was 'n vrachtvoerder, die had zo een vrachtkamion en die kwam daar van de kanten van Luik af over de Halombai (= heuvel van Visé). En in Vroenhoven op de brug daar kwam hij hem tegen: 'Maar B.', zei hij, 'waar gaat gij nu naartoe?' 'Naar huis', zei hij.- Ik heb dat al horen vertellen dat ze gingen hei kappen vroeger - heikappen, nu bestaat dat niet meer hè - in de dorperhei en dat het dan mistig was in de herfst dat het mistig was en dan werd het weer toch goed overdag en dan gingen die naar de hei toe en ze liepen verloren dat ze daar in Grummie (= Opgrimbie) of in Mechelen uitkwamen. Zo liepen ze verloren en ze wisten niet meer waar ze zaten. Verloren lopen dat is een aardige dinge, dat kan iedereen overkomen, dat kan u overkomen, dat kan mij overkomen. Pas daar goed mee op!- Goed bekend, ik kan u de dinge allemaal vertellen waar dat was. Ik kwam hier de grote weg na en een weg, die ging zo en een weg ging zo (gebaar). Maar ik was daar goed bekend, dat was niet de eerste keer dat ik daar kwam hè. En ik weet niet in mijn gedacht of wat dat ik aan 't denken of aan 't kijken was wat daar allemaal stond en ik, die weg moest ik pakken en ik pakte die weg, het waren allemaal kiezelwegen. En toch niet kunnen zeggen: dat is het. En daar komt me toch een mens tegen die, ik kende die en die kende mij. En ik zeg: 'Zeg me nu toch eens de weg om Munster (Munsterbilzen) aan', zeg ik. 'Maar M. toch', zei hij, 'M., hoe is dat mogelijk', zei hij. Ik zeg: 'Ja, ik weet niet waar op aan, ik kan niet meer zeggen: ik ga daar of daar op aan.' 'Dat is verloren lopen'. 'Ho, dat is niks', zeg ik, 'dat ik daar verkeerd vaar, ik kom daar uit hè.' Maar toen was dat niet waar, toen kwam ik op een onbekende plaats uit waar ik zeleven niet geweest was. Ik wist wel waar dat was maar ik was er niet geweest hè. Ik terug voor te vinden hoe ik meende en er weer langsdoor, weer langsdoor en toen reed ik op Tricht (= Maasdtricht) aan. - Verloren lopen in eigen huis: als ik alleen ben dan doe ik de lichten uit en de deur hier sluiten en daar staat de lichtknop en hier moet ik op de gang de deur pakken hè, maar het is donker, de rolluiken zijn af. Dat ik in huis hier verloren gelopen ben, dat ik niet meet wist waar ik zat. Niet wist waar ik was, het was wel niet lang hè.- De vroegere schepen van Zutendaal die kwam hier buurten - buurten dat verstaat ge toch: kallen - en die ging naar huis en dat was langs zo'n klein wegske en hij geraakte er vanaf en toen kwam hier terug de weg vragen en die weg had hij honderd keren gedaan.
Beschrijving
Brang, een bezemverkoper, ging in het café van Schuurhoven in Bilzen een glas drinken. Toen Brang het café verliet, ging hij met zijn kruiwagen naar huis. Onderweg kwam hij in Halombai Pee K. van Munsterbilzen tegen, die vroeg: "Maar Brang, waar ga jij nu naartoe?" "Naar huis", antwoordde de man. Brang was helemaal verdwaald geraakt.
Mensen uit Zutendaal die bij mistig weer heide gingen hakken, liepen vaak verloren. Zo belandden ze dan bijvoorbeeld in Opgrimbie of in Mechelen.
Een man uit Zutendaal die op weg was naar Munsterbilzen, liep helemaal verloren en belandde bijna in Maastricht.
Een man die het licht had gedoofd, liep verloren in zijn eigen huis.
De voormalige schepen van Zutendaal was bij mensen op bezoek geweest. Toen hij terug naar huis ging, raakte hij verdwaald, hoewel hij diezelfde weg al honderden keren had afgelegd.
Mensen uit Zutendaal die bij mistig weer heide gingen hakken, liepen vaak verloren. Zo belandden ze dan bijvoorbeeld in Opgrimbie of in Mechelen.
Een man uit Zutendaal die op weg was naar Munsterbilzen, liep helemaal verloren en belandde bijna in Maastricht.
Een man die het licht had gedoofd, liep verloren in zijn eigen huis.
De voormalige schepen van Zutendaal was bij mensen op bezoek geweest. Toen hij terug naar huis ging, raakte hij verdwaald, hoewel hij diezelfde weg al honderden keren had afgelegd.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
midden-limburgs
x
fabulaat
Halombai is de naam van een heuvel vóór Visé.
Naam Overig in Tekst
Brang   
Pee K.   
Naam Locatie in Tekst
Zutendaal   
Plaats van Handelen
Maastricht   
Munsterbilzen   
Bilzen   
Opgrimbie   
Mechelen   
Halombai (Visé)   
Zutendaal   
