Hoofdtekst
42 Ja, en dan nog over die heksen. Dat was dan, dat speelde zich hier af, hé, aan de ‘Ummeser Hùgskes’. Dat was ook een koppel wat vrijde en dat meisje dat deed dan mee voor de heksen. Toen was die jongen dat gewaar geworden en toen dacht die jongen: "Nu ga ik eens niet ‘jòues’. Toen was hij in slaap gevallen in de stoel, zogezegd. En toen het twaalf uur was, ja, het meisje moest weg, hé. En het meisje aan de schouw, de bezem, allé: "Over heggen en hagen ." Maar hij was … "Hé," dacht hij in z’n eigen, "maar nu ga ik ze na." En hij zei: "Door heggen en hagen." Toen kwam die aan de ‘Ummeser Hùgskes’ aan: heel gescheurd. Maar toen wist hij dus dat zij dus (een heks was), hé. "Och," zei ze, "wat is dat?" "Ja," zei hij, "ik hoorde je zeggen: "Door heggen en hagen"." "Nee, het was "Over heggen en hagen"."
Onderwerp
SINSAG 0511 - Über Weg und Steg   
Beschrijving
Een jongen die bij zijn vriendin op bezoek was, deed alsof hij in slaap was gevallen. Zo zag de jongen hoe het meisje zich om middernacht zei: "Over heggen en hagen" en vervolgens wegvloog. De jongen wilde het meisje volgen en zei: "Door heggen en hagen". Zwaar gewond kwam de jongen aan op de Ummeser Hugskes, waar de heksen bijeenkwamen.
Bron
H. Schoefs, Leuven, 1996
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (groot-riemst)
42B 583
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Ummeser Hugskes   
Naam Locatie in Tekst
Zussen   
