Hoofdtekst
da wôre 2 minse; en de man hâ zene voet af; en de vrâ was ziek; en me moeder ging ze verzörge; en z’hadde mor ien kât; en di wird ziek; en pastoeur Râmâkers van Montenôke, dee vroeg een wiek en begon ze ’t uiverleze; en ze sti allien op, hiel geneze; en dan zei de pastoeur: "Di vrâ moet ge nemie binnelôte"; en z’hebben noeut nemie it on d’hând gad ermi; da was de kôjând.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Een echtpaar waarvan de man een handicap had en de vrouw ziek was, had maar één koe. Toen de koe ziek werd, liet men pastoor R. uit Montenaken komen. Nadat de pastoor de koe had overlezen, stond het dier moeiteloos recht. "Die vrouw mag je niet meer binnenlaten", zei de pastoor.
Bron
A. Abeels, Leuven, 1965
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (sint-truiden)
376
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Niel   
