Hoofdtekst
Dat moet in de joren zeventienhoenderdnegentig geweest èn van Bakelandt en Cartouche. Ze woren zieder tegare. Bakelandt wos in ’t Vrijbus en Cartouche wos in Heist-up-den-Berg, volgens dat ‘k gelezen èn in den tijd. O ze bij mekor kwamen, dat wos èn extrabende enee. Ze dein zieder ol dat niet deugde. Z’hingen z’in de kave met ulder hoofd omhoge enne makte vier oender ulder voeten o ze niet wilden zeggen wor dat ulder geld zat. Ze leurden zieder met burstels en ’t ene en ’t andre om de menschen uut t’horen.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Omstreeks 1790 waren er twee roversbendes actief: de bende van Bakelandt en de bende van Cartouche. Bakelandt vertoefde in het Vrijbos en Cartouche in Heist-op-den-Berg. De rovers hingen soms mensen in de schoorsteen met hun voeten in het vuur tot ze vertelden waar hun geld verborgen lag. De rovers gingen ook vaak leuren met borstels om te weten te komen welke mensen geld in huis hadden.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (vrijbos)
192A
Omstreeks 1790
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Bakelandt
Cartouche
Cartouche
Bakelandt (bende van)   
Cartouche (bende van)   
bende van Cartouche   
bende van Bakelandt   
Naam Locatie in Tekst
Hooglede   
Plaats van Handelen
Heist-op-den-Berg   
Vrijbos   
