Hoofdtekst
’t Was daar een huus, verzeker sip St.-Joris en iedere avond o z’al in huus waren hoorden ze ketens rammelen en huilen ten tieren. Maar o ze de deure opendeien zagen ze niet. En z’hèn naar de paters van Steenbrugge geweest voor ze te doen komen en je kwam om te lezen. En je zette hem ip z’n knieën en je begoste te lezen dat ie zweette en je zei: "Zij j’ van God gezoenden, kom binnen en zij j’ van den duvel gezoenden, ga weg." En da bleef kloppen en tot drie keren toe moest ie dadde herhalen en achter den derde keer dei t’ie de deure open en j’hoorde ne vint weglopen al tieren en tuten (schreeuwen). En dat hèt ton gedaan geweest.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
In Sint-Joris stond een huis waar men iedere avond gehuil en getier hoorde, samen met het gerammel van kettingen. Wanneer men de deur openmaakte, was er vreemd genoeg niets te zien. Men heeft de paters van Steenbrugge laten komen om het huis te overlezen. De pater ging op zijn knieën zitten en begon te bidden tot hij helemaal bezweet was. Daarna zei de pater: "Als je door God bent gezonden, kom dan binnen. Ben je door de duivel gezonden, ga dan weg". Pas nadat de pater deze formule driemaal had herhaald, hoorde men het geklop niet meer. Daarna opende hij de deur en hoorde een man roepend en tierend weglopen.
Bron
P. Vandewalle, Leuven, 1968
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (o van houtland)
226
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Steenbrugge (paters van)   
paters van Steenbrugge   
Naam Locatie in Tekst
Hertsberge   
Plaats van Handelen
Steenbrugge   
Sint-Joris   
