Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

VLECO0316_0317_39416 - Van drie gefopte dokters

Een sage (mondeling), 1973

Hoofdtekst

Beschrijving

In een café zaten drie dokters te pochen over wat ze allemaal konden. Omdat de aanwezigen de dokters niet geloofden, werden deze laatsten kwaad. Ze besloten de mensen eens te tonen wat ze konden. Eén man trokken ze de ogen uit. De volgende dag zouden ze de ogen van die man weer in zijn hoofd zetten. Bij een tweede man zouden ze de handen afhakken en bij een tweede zouden ze de maag uit zijn lichaam nemen. Zo gezegd, zo gedaan. De dokters lieten de lichaamsdelen achter in het café. ’s Nachts at de kat van de cafébaas echter al het vlees op. Toen de cafébaas dat de volgende dag vaststelde, was hij wanhopig, tot zijn vrouw zei: “Het is nog niet zo erg. We zullen de kat doden en haar ogen in de plaats leggen. Ons varken moest toch ook geslacht worden. We zullen de maag van het varken ook in de doos leggen. Hier in de buurt is gisteren een dief gestorven. Zijn graf is nog niet dicht. We zullen zijn hand snel gaan afhakken”. De dokters gaven de mensen nietsvermoedend hun organen en ledematen terug. Een week later kwamen die mensen in het café hun ervaringen vertellen. De ene man kon ’s nachts alles zien. De tweede zou van honger alles opeten wat hij zag en de derde stal alles wat hij maar zag. De dokters begrepen er niets van. Ze werden door de cafébaas uitgelachen en moesten bedroefd vertrekken.

Bron

V. Michiels-Lecock, Leuven, 1973

Commentaar

7. Sprookjes
brabants (tienen)
a
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Sluizen    Sluizen