Hoofdtekst
Van den hellewoagen vertelden z’ook vele, mo wat was dadd’ ollemolle? Mien nichte zei dajje da zaag verbie (voorbij) vliegen lik ’n ruschinge (zoals een ruising). Da was oltied ’s nachs ten twolven. Je kost niet zien, mo j’hoorde goed da getrappel van twi (twee) peirden. Da gebeurdeg’ip de weg van Slus (Sluis) no Westkapelle.
Beschrijving
Op de weg van Sluis naar Westkapelle hoorde men om middernacht de hellewagen voorbijvliegen. Men hoorde dan het getrappel van de twee paarden, maar er was niets te zien.
Bron
L. Cumps, Leuven, 1965
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (z van brugge)
76
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Sint-Andries   
Plaats van Handelen
Westkapelle   
Sluis   
