Hoofdtekst
Dieje Selm do awel do was ne schone grote haan. Dieje hemme ze de kop afgedaan. En toen zei de moeder zoewe: " ma Selm toch zoewe ne schone haan do de kop afkappe!" "Jo as ’t da maar is" zei Selm, en hij doet er de kop vanhaar aan en dieje haan begost gaan te kraaie.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Toen Selm een grote haan de kop had afgehakt, riep zijn moeder: "Maar Selm, wat heb je nu toch gedaan!" Selm zette de kop weer op het lijf van het dier en het volgende ogenblik begon de haan te kraaien.
Bron
M. Vankerkhoven, Leuven, 1964
Commentaar
2.2 Tovenaars
limburgs (grensgebied kempen-hageland)
576
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Selm   
Naam Locatie in Tekst
Tessenderlo   
