Hoofdtekst
De 'roie Sjoan', die kon spoken! die kon dat uit ene boek, zeg! Die deed de katten metgaan tot bij tante aan de deur, zeg! en dan kwamen ze op de vüjt (= voeten) van haar bed zitten. En as we op den avond aan door de steeg moes(t)en gaan, dan hadden we ook altijd bang vroeger. Doa was een stichel (= slagboom) en doa zat een wit knijnke (= konijntje) op, en as zje het dors(t) afstoten, dan sprong het terug op de stichel, zeg, wor! Zje kon dao bekans nie door. En dat was zo e schoon beeske, zeg! Dat was ook de 'roie Sjoan' wa dat deed, kik zeg!
Onderwerp
SINSAG 0668 - Zauberer zaubert den Weg voll Kaninchen, weisse Katzen, Kühe, Reiter usw., um den Weg zu sperren.   
Beschrijving
Rode Sjoan bezat een toverboek dat hem bijzondere krachten verschafte. Zo kon rode Sjoan er bijvoorbeeld voor zorgen dat er katten met iemand meeliepen en dat de dieren op het bed sprongen. Rode Sjoan toverde ook soms een wit konijntje op een slagboom. Wanneer men het konijntje er probeerde af te duwen, sprong het steeds telkens op de slagboom.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
2.3 Toverboeken
limburgs (tongeren en omstreken)
912
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Sjoan   
Rode Sjoan   
Naam Locatie in Tekst
Mal   
