Hoofdtekst
De “Gouden Wieg” dat was geen “Wieg”.De “Gouden Wieg” dat was eigenlijk geen wieg. Dat was ne schat en hij is gestolen. Er werkte nen Brusseleer aan ’t orgel in de kerk te Mespelare. Op nen balk stond er in het Latijn geschreven waar ze die schat kosten vinden en hij had dat ontcijferd. Hij overnachtte in die herberg voor de kerk, Sint Aldegonde en al twee keer was hij mee een volle valies naar huis gegaan. Maar als hij mee de gouden ciborie wilde aanlopen (weglopen) werd hij in het portaal ermee tegengehouden en hij heeft ze moeten laten staan. Ze wordt nu nog altijd in processie meegedragen maar als de processie gedaan is, doet de paster haar mee naar de pastorij.
Beschrijving
De ‘Gouden Wieg’ was een schat, die gestolen zou zijn. Een Brusselaar die op het orgel van de kerk van Mespelare speelde, had gezien dat op de balk in het Latijn beschreven stond waar de schat verborgen lag. De man had die tekst ontcijferd. De man ging logeren in de herberg vóór de kerk en verliet die tweemaal met een volle koffer. Toen de man de wieg zelf wilde meenemen, werd hij echter in het portaal tegengehouden, waardoor hij de schat moest laten staan. De schat werd later nog steeds meegedragen in de processie. Na afloop van de processie nam de pastoor de wieg wee mee naar de pastorij.
Bron
P. Henderickx, Leuven, 1959
Commentaar
4. Historische sagen
oost-vlaams (tussen schelde en dender)
360
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Gouden Wieg   
Latijn   
Brusselaar   
Naam Locatie in Tekst
Oudegem   
