Hoofdtekst
Ne man wor altêed zat en vloekte, al watter geve kos. OP ne nacht kâmter thuis en zag ne groete, zwatten hond onder de tôfel ligge. De man viel op zen kneije en begos te beje. Den hond is verdwene.
Onderwerp
SINSAG 0917 - Teufel (in Tiergestalt) erschreckt Sünder (Fluchende, Holzdiebe, Sonntagsschänder oder Spötter).   
Beschrijving
Een man die altijd dronken was, vloekte de hele tijd. Toen de man op een nacht thuiskwam, zag hij onder de tafel een grote zwarte hond liggen. Daarop viel de man op zijn knieën en begon te bidden. Uiteindelijk is de hond weer verdwenen.
Bron
M. Hermans, Leuven, 1966
Commentaar
3.1 Duivels
limburgs (herk-de-stad)
173
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Kermt   
