Hoofdtekst
Mien noenkel was meulenoare te Oekene. Je moste ’s nachts ne keer de zelen noa de wiend droaien. Er passeerde doa entwiene en je riep: “vriendschap, help ne keer”. ’t Kwam doa entwodde noader, de hoeogte ipgerold toet bie hem. Je riep: “oeuw, stop”. Het woaren ol slunsen (vodden) en benen, liek in een pakske. De gebeuren han ’t ol dikkens gezien. ’t Toeoverde doa zeien ze.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
Een molenaar die 's nachts was opgestaan omdat hij de wieken naar de wind moest draaien, zag iets voorbijkomen en hij riep: "Vriendschap, help eens even!" Daarop rolde de gedaante dichterbij. Het was een pak beenderen en vodden. De buren van de molenaar hadden al vaak gezegd dat het op die plaats spookte.
Bron
R. Callens, Leuven, 1968
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (tielt en izegem)
154
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Ingelmunster   
