Hoofdtekst
As thuis ’s avonds de plaffeture nog nie toe ware zage ze altij iet loere, da kwam afspioene wa gebeurde. Op ne zekere avond dacht mijn vader: "da moet ik wete wa da is". Ne hele tijd had hij do gestaan en ineens zag hij ne grote zwarte hond op de lijst vanne venster. Mijn vader nam een stuk hout, smeet en navenant hij kost zien had hij hem goe geraakt. ’s Anderendaags was er een vremmes uit de gebure mee ne doek rond heure kop. En da vremmeske da had eigenaardige maniere. Die knuivelde zoewe altij op uw schouders gelijk as een kat. Daarom dachte ze dat da een heks was.
Onderwerp
SINSAG 0640 - Hexentier verwundet: Frau zeigt am folgenden Tag Malzeichen.
  
Beschrijving
Wanneer het 's avonds donker was en de rolluiken nog niet dicht waren, meende een man een paar spiedende ogen aan het raam te zien. Op een avond sloeg de man met een stuk hout naar de hond die op de vensterbank zat. De volgende dag liep een vrouw uit de buurt rond met een doek om haar hoofd. Omdat die vrouw de mensen altijd in de schouders kneep, geloofde men al lang dat ze een heks was.
Bron
M. Vankerkhoven, Leuven, 1964
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (grensgebied kempen-hageland)
471
Kindertijd van de informant
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Kwaadmechelen   
