Hoofdtekst
Daar was hier vroeger een vrouw die ook als een heks werd aangezien. Daar was 'ne knecht die haar altijd mijdde, en dat vrouwmens was daar lelijk voor. Die was eens met de geladen kar aan 't varen, en hij moest daar aan dat wijf voorbij. Maar daar liep 'ne weg voor het huis door en enen er achter. 'Hier moet ge door varen', zei ze, en wees hem voor het huis door. Ze had hem al dikwijls een zjat koffie willen doen drinken, maar die wou niet en hij nam die nooit aan. Maar de knecht wou niet. 'De kar gaat u opslaan', zei ze. 'Och, wat', zei de knecht, 'ik vaar waar ik wil.' En hij voer achter het huis door. Maar op den draai, daar sloeg de kar op en het paard gong met de poten de lucht in. En hij heeft de heel kar kunnen aflaaien.
Onderwerp
SINSAG 0541 - Hexe lässt Wagen vom Deich (Weg) fallen
  
Beschrijving
Een vrouw over wie men vertelde dat het een heks was, werd door iedereen in het dorp gemeden. Op een dag moest een knecht met een kar voorbij het huis van de heks rijden. De heks riep: "Kom maar langs hier!", maar de knecht nam een omweg omdat hij bang was voor de heks. De heks was echter boos omdat de knecht haar meed, en ze riep: "De kar zal omslaan!" De knecht geloofde haar niet en reed verder. Toen hij in een bocht kwam, sloeg de kar echter om zodat het paard met de poten in de lucht lag.
Bron
R. Celis, Leuven, 1954
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (bree en omstreken)
fabulaat
Jaak V.B. vulde het verhaal van Louis C. aan.
Naam Locatie in Tekst
Opitter   
