Hoofdtekst
Op 't Schotelven woonde boer Bayens. Die zat altijd in de bossen want da was ne stroper. Thuis had ie veul klein jong maar die liet ie aan hun lot over. Ze mochten begot doen wat ze wouen. De scheper woonde een bitje verder en da was ook zo ne stroper. Die scheper was eens bij den Bayens om kaart te spelen en te buurten en ze zaten daar met een paar man aan tafel. De lepels en de frinketten lagen nog op 't tafel en toen kwam daar ineens nen haas d'achterdeur binnen. Die ging op zijn gat zitten en dan liep ie ne keer of drei rond de tafel. De scheper die anders van nie veul bang was zat daar zo stijf als een hout en ie zei niks. Toen kroop die haas deur 't mozegat weer buiten." "Wie heet da na ooit gezien", zei de scheper. "Dien haas dierf ik na toch nie pakken."
Beschrijving
Een schaapherder ging op een avond kaarten bij een boer. De twee mannen hielden er ook wel van om te gaan stropen. Toen de mannen zaten te kaarten, kwam er plots een haas langs de achterdeur binnen. De haas liep enkele keren rond de tafel en kroop daarna langs het afvoergat voor het water weer naar buiten. De schaapherder sprak tot de boer: "Wie heeft nu ooit zoiets gezien? Die haas durf ik toch niet te vangen hoor".
Bron
W. Luyts, Leuven, 1956
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
antwerps (land van turnhout)
48
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Arendonk   
