Hoofdtekst
Ik hè nog geweten, ‘k weet niet van oe ’t toeval was of niet, maar de paster was geroepen bij ne brand up een hofstee, en je begoste te lezen dat ’t zweet van hem liep, en de wind keerde en d’hofstee hèd niet verder afgebrand.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Toen ergens een boerderij in brand stond, liet men de pastoor komen. De geestelijke begon te bidden tot de zweetdruppels van zijn gezicht rolden. Even later draaide de wind, waardoor de boerderij niet verder afbrandde.
Bron
M. Reynaert, Leuven, 1965
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (ieper)
326
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Hollebeke   
