Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MNIJS0147_0147_19290

Een sage (mondeling), 1969

Hoofdtekst

E pensejagere gienk gon jagen. Drie avenden te reke (op rij) zaagt ie dezelsten hoaze en iedere kee datten der ip schoat, mistehen hem. Da’s toverieë zei die pensejagers. Den aanderen avend gienkt ie were gon jagen. Mo nu kapten ’n zilveren frank in stikstjes en je stak dat in ze kardoesche en je schoot ermee. J’aat den hoaze. Den aanderen dag liept er e vrouwe in ’t dorp en z’aat heur ene oge uut.

Onderwerp

SINSAG 0623 - Der geweihte Schuss    SINSAG 0623 - Der geweihte Schuss   

Beschrijving

Een stroper had al drie opeenvolgende avonden een haas gezien, die hij niet kon neerschieten. De volgende dag stak de stroper een verbrijzeld zilveren geldstuk in zijn geweer. Deze keer slaagde hij er wel in de haas te treffen. De volgende dag liep in het dorp een vrouw rond, die haar oog was kwijtgeraakt.

Bron

M.-R. Nijsters, Leuven, 1969

Commentaar

2.1 Heksen
west-vlaams (nw van houtland)
81.5
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Moere    Moere