Hoofdtekst
In Bokrijk aan de Kneip daar in de bos, daar werden al de spoken en heksen verbannen. De pastoor en geestelijken banden ze daarheen. En snijd daar de dag van vandaag eens een stok af, van dat berkenhout en dat wijerhout (= struiken langs vijvers), weet ge wat dat zegt? 'Wèèè', zegt dat en dan zijn ze hem aan zijn vel, daar zijn ze allemaal in verbannen, in het Mizerik waar Sooi gewoond heeft. Snijd maar eens een stok af, dan zegt de heks of de weerwolf 'Wèèè', zeggen ze, dan zijn ze hem aan zijn vel, daar zijn ze allemaal verbannen. Daar zijn mensen die 's avonds aan het Mizerik niet durven doorgaan, nondedjie, daar spookt het nog. Soms zit daar nog een weerwolf die achter een heks gaat zoeken hahaha (algemeen gelach), heksen die moeten gevogeld worden.
Beschrijving
Spoken en heksen werden verbannen naar de Kneip in een bos in Bokrijk. Wanneer men in het Mizerik een tak van een berk afsneed, hoorde men de verbannen spoken, heksen en weerwolven jammeren.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
midden-limburgs
g
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Genk   
Plaats van Handelen
Mizerik (Bokrijk)   
Kneip (Diepenbeek)   
Bokrijk   
