Hoofdtekst
Bij uus zijn d’er twolf joengens geboren mor ’t zijn d’er mor drie bluven leven. Moeder had were e kind gekocht. Ze ging nor de paters nor Ieper en ze zei dat. En de pater zei: "Schupt de vint die morgen ’t eerst binnenkomt buten." En mijn moeder ging nor huus. ’s Nachts ten drien klopt er etwien up de deure. Vader stoend up enn’etten dor e smeringe (pak slaag) gegeven datten schier (bijna) nor huus moste krupen. Dat wos één van de Koddebende.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Een moeder die al veel van haar kinderen had zien sterven, had weer een kindje gekregen. De vrouw ging naar de paters van Ieper, die haar de raad gaven om de eerste man die de volgende dag op bezoek zou komen, buiten te schoppen. De daaropvolgende nacht werd er om drie uur aangeklopt. De vader ging opendoen en gaf de bezoeker een afranseling zodat hij naar huis moest kruipen. Het was één van de leden van de Koddebende.
De vrouw heeft weinig geluk gehad met haar kinderen. Van de twaalf kinderen die ze kreeg, bleven er maar drie leven.
De vrouw heeft weinig geluk gehad met haar kinderen. Van de twaalf kinderen die ze kreeg, bleven er maar drie leven.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (vrijbos)
32B
Moeder van de informant
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Koddebende   
paters van Ieper   
Ieper (paters van)   
Naam Locatie in Tekst
Klerken   
Plaats van Handelen
Ieper   
