Hoofdtekst
De vrouwe van Henri Delanote was bij haar tante aan de kanten van Reninge. De bende Pollet was daar binnen. Ze vroeg om naar haar tante te mogen gaan en ze mocht. Maar ze liep zere achter de mensen gaan roepen. ’t Volk kwam en de bandieten vluchtten. René Passen, een oude jongman, een boer, woende alleen in de Klytte. Hij had juist zwijns geleverd en de bende brak in. Ze bonden hem helegans. Ze hebben eigenlijk niet kunnen pakken. Hij heeft dan toch kunnen hem verhelpen naar de schoenmaker Jerôme Deconinck - Odent, die daar bij woonde. De bende wist dat van die zwijns door een bazinne van Poperinge.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Een vrouw was bij haar tante op bezoek, toen de bende van Pollet het huis binnenviel. De vrouw vroeg aan de rovers of ze naar haar tante mocht gaan, en de rovers lieten haar vertrekken. In werkelijkheid ging de vrouw snel hulp halen, zodat de rovers moesten vluchten.
Een man die pas varkens had verkocht, kreeg ook bezoek van de bende van Pollet. De arme man werd vastgebonden. De rovers hebben echter niets kunnen stelen omdat de schoenmaker hulp was gaan halen.
Een man die pas varkens had verkocht, kreeg ook bezoek van de bende van Pollet. De arme man werd vastgebonden. De rovers hebben echter niets kunnen stelen omdat de schoenmaker hulp was gaan halen.
Bron
K. Erard, Leuven, 1966
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (ieper)
26
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Pollet (bende van)   
bende van Pollet   
Naam Locatie in Tekst
Dikkebus   
Plaats van Handelen
Reninge   
Reningelst   
