Hoofdtekst
De auwelkes hebben hier boven het kanaal gezeten, in een eikeleboske hebben die gewoond. Als nu 'ne mens 's avonds koper buiten zette, dan was het 's morgens geblonken. Maar als er 'ne ketel pap stond, dan was hij ook uitgegeten. Die kwamen 's nachts altijd, door den dag heeft ze wel niemand gezien. En die kwamen veel werk bij de mensen doen. Door het luien van de klokken zouwen ze vertrokken zijn.
Onderwerp
SINSAG 0063 - Die hilfsbereiten Zwerge arbeiten in der Nacht für die Menschen für Nahrungsmittel (Tabak, Geld)   
Beschrijving
De alvermannetjes woonden in een eikenbos boven het kanaal. Wanneer men 's avonds koperwerk en een kom pap buiten zette, was 's ochtends het koper gepoetst en de pap opgegeten. De alvermannetjes zijn verdwenen toen men begon met het luiden van de kerkklokken.
Bron
R. Celis, Leuven, 1954
Commentaar
1.2 Aardgeesten
limburgs (bree en omstreken)
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Neeroeteren   
